AFM vindt dat huishoudens meer moeten beleggen
Nieuw onderzoek van de AFM laat zien dat in 2024 ongeveer één op de drie Nederlandse huishoudens niet belegde, ondanks dat zij beschikten over meer liquide middelen dan de Nibud-referentiebuffer voorschrijft. Een groot deel van deze groep bestaat uit gepensioneerden, voor wie de beleggingshorizon beperkt is. De groep die nog niet met pensioen is, heeft echter ook aanzienlijk vermogen beschikbaar dat ingezet kan worden om rendement te behalen.
Voor 1 op de 10 (ruim 800.000) huishoudens geldt bovendien dat zij niet beleggen, voldoende vermogen hebben én later mogelijk geld tekortkomen. Zij bouwen namelijk onvoldoende pensioen op in de eerste en tweede pijler om hun huidige levensstandaard tijdens pensionering voort te zetten. Voor deze groep is het dus niet alleen mogelijk, maar kan het ook raadzaam zijn om het vermogen dat zij op dit moment beschikbaar hebben meer te laten renderen. Voor de helft van deze groep geldt dat zij minstens 30.000 euro aan financiële ruimte bovenop de Nibud-buffer hebben om te beleggen. Het extra rendement zal niet in alle gevallen voldoende zijn om het tekort in de toekomst volledig op te vullen, maar het kan de financiële positie wel verbeteren zonder dat huishoudens hun consumptiepatroon hoeven aan te passen.
Gebrek aan kennis is de meest genoemde reden om niet te beleggen. Daarnaast ervaren veel huishoudens beleggen als te risicovol of hebben zij simpelweg te weinig interesse. Opvallend is dat een deel van de ondervraagde consumenten aangeeft onvoldoende geld te hebben om te starten, zelfs wanneer zij meer vermogen hebben dan de Nibud-referentiebuffer voorschrijft. Mogelijk vormen de percepties ten aanzien van de benodigde kennis, benodigde financiële ruimte en de risico’s een belemmering voor consumenten om te beginnen met beleggen. Daarnaast spelen individuele voorkeuren een rol; niet iedereen heeft de wens om te beleggen, ook wanneer de financiële ruimte daarvoor aanwezig zou zijn.
